Schrijven om het raadsel zichtbaar te maken

cover henk van der entDiepzinnig en lichtvoetig schrijven tegelijk: Henk van der Ent, beter bekend als dichter onder het pseudoniem Anton Ent, lukt het met de novelle Een vrouw beminnen.

Een vrouw beminnen is een in meer dan één opzicht bijzonder boek. Als je het uit hebt weet je niet precies waar je aan toe bent. Op de achterflap staat een klein tekstje dat je vriendelijk lijkt uit te lachen. “De roman dwingt de lezer zich met vier personages te identificeren, maar als hij het boek uit heeft, laat hij de standpunten van drie van hen vallen.”

Een vrouw beminnen kent in totaal vier vertellers. De eerste met wie we kennismaken is Olivia. Haar man Egbert was kunstschilder en is, na een kort ziekbed, overleden. Voor haar is hij echter allerminst verleden tijd. Ze praat met hem als ze kijkt naar zijn schilderijen. Olivia is geïnteresseerd in paranormale ervaringen. Zij heeft zelf zo’n ervaring gehad tijdens een ongeluk.

Helaas worden de schilderijen van Egbert kort na zijn verscheiden gestolen en Olivia begint aan een zoektocht op internet, in de hoop dat zij iets vindt. Olivia is goed in Engels, af en toe geeft zij taalcursussen aan huis. Zodoende maakt ze kennis met een leerling die meteen de eerste keer door de achterdeur binnenkomt. Ze voelt dat ze hem niet kan vertrouwen.

Angst

Zo is het met bijna alle mannen in dit boek: ze staan voor een bepaalde leugenachtigheid en indirect voor de dood, die altijd via de achterdeur binnenkomt.

Raadselachtig, dat is het woord voor de sfeer in Een vrouw beminnen. Henk van der Ent is niet iemand van de vaststaande denkbeelden. Veeleer is hij een schrijver die probeert naar een bepaald raadsel, een geheim toe te schrijven: iemand die je als lezer langzaam deelgenoot maakt van zijn eigen vragen, in plaats van met een duidelijk plot te suggereren dat het leven ordelijk en overzichtelijk verloopt.

In deel twee kijken we mee in het hoofd van Daniël, een vriend van het echtpaar Olivia en Egbert. Met Egbert heeft Daniël een artistieke inslag gemeen, zij het dat de eerste kunstschilder is en Daniël dichter.

Daniëls tweeslachtige karakter wordt weerspiegeld in zijn poëzie:  “Hij schrikt ervoor terug zich zo bloot te geven, hij durft het niet, omdat hij zal moeten toegeven dat zijn poëzie op doodsangst berust. Al zijn gedichten, op één na, roepen op tot vitalisme, tot het genieten van het leven.”

Wending

Na Daniël komt Egbert zelf aan het woord, vlak voor zijn dood, en in die tijdsspanne vindt een verrassende wending plaats. In Een vrouw beminnen is alles raadselachtig en kan dus ook alles: Daniël en zijn vrouw Mirjam winnen bijvoorbeeld 50.000 euro in de Staatsloterij, iets dat in een bijzin wordt vermeld. Maar Daniël overkomt nog iets anders, dat je als lezer met open mond gadeslaat en totaal niet ziet aankomen.

Er zitten wel hier en daar wat ongeloofwaardige zinnen in het boek. In het relaas van Mirjam, Daniëls vrouw, waarmee het boek afsluit, spreekt zij over zichzelf als een vrouw “die haar droom staatssecretaris te worden heeft opgegeven.” Over die merkwaardige ambitie hebben we tot dan toe nog niets gehoord. Maar anderzijds, en dat denk je wel vaker bij dit boek: waarom ook niet.

Er valt nog een hoop meer te zeggen over Een vrouw beminnen, een titel die overigens gedeeltelijk wordt verhelderd door het motto ‘Een vrouw beminnen is de dood ontkomen’ van Ed. Hoornik. De vrouw lijkt voor het leven te staan in dit boek. Het boek gaat dus over het leven, dat geeft alles een existentiële lading hoewel de stijl doelgericht en het verhaal spannend is. Een mooi evenwicht dus.

Een stijlbreuk lijkt Mirjams taalgebruik als ze vertelt wat voor seks Daniël en zij hadden. Opeens is haar taal opvallend poëtisch en omzichtig: “Seks was een slagveld van strategische mislukkingen. De stad van het orgasme kon ik na een belegering nooit uit handen geven en hij nam haar in een vloek en een zucht in.” Een wel erg hoekige vergelijking.

De achterflap beloofde dat je uiteindelijk drie van de vier perspectieven laat vallen en dat er één overblijft. Misschien is het wel dat van deze man, die een gedicht voorleest op de begrafenis van zijn vriend: “Rustig lees ik het voor, maar na een paar regels hoor ik een trilling, bij de slotregels die met een opzwepend ritme oproepen tot aanvaarding van de dood. Ik voel dat mijn keel geen lucht doorlaat, sla de volle hand voor de mond, druk deze stevig tegen mijn lippen en schud, wanhopig de kerk in kijkend, mijn hoofd: nee, nee, nee.”

Nels Fahner

Henk van der Ent, Een vrouw beminnen, Uitg. Kleine Uil, Groningen, 15,00

Deze recensie verscheen in het Christelijk Weekblad

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s